Sonia zoekt andere geneeswijzen
o Ik zie dat je nog wakker bent, Evi. Dan kunnen we nog niet gaan.
Je moet eerst slapen, want dan pas kan je Glimlachlichtje op reis.
Strooi dan even wat zand in mijn ogen, dan slaap ik zo.
o Ik ben geen Zandmannetje, maar ik tover je met een vingerknip in slaap.
Tadá, hier ben ik weer! Mijn lijf slaapt en mijn Glimlachlichtje gaat met je mee.
o Ga je mee naar Luxemburg? Daar woont Sonia, ze heeft een rare ziekte. Niemand weet hoe ze die ziekte kunnen genezen.
In gedachten roept ze wanhopig om hulp. Ik denk dat we haar de weg moeten wijzen naar ándere vormen van geneeskunde.
Ach Mono, daar weet ik zelf niet zoveel van. Jij soms wel?
o Ja, ik zal elke zin in je gedachten leggen, goed?
Oké, dan concentreer ik me steeds op jou.
Looss geet’s! Maar niet zo snel dat we Luxemburg voorbijschieten en per ongeluk bij de maan uitkomen!
o Hoe komen jullie binnen? Mijn raam is dicht, de deur is op slot.
Zijn jullie geesten?
Rustig maar, we komen je helpen, Sonia.
o Ik kán niet geholpen worden!
Misschien toch wel… je weet maar nooit.
o Ik heb alles al geprobeerd en geen enkele dokter kon me helpen.
Juist daarom zijn we hier, Sonia. Wat mankeert je eigenlijk?
o Ik heb een rare ziekte. De dokters weten niet hoe de ziekte heet.
Dat lijkt me vervelend voor je. Weet je dat er nog andere manieren zijn om beter te worden?
o Bedoel je anders dan in gewone ziekenhuizen?
Ja, er zijn een heleboel andere mogelijkheden.
o Nooit geweten… ik wil er alles over weten!
Mono zal mij steeds in gedachten iets doorgeven, dus als ik even niets zeg, ben ik naar hem aan het luisteren. Ik weet namelijk niet zoveel van andere geneeswijzen, maar Mono wel.
o Oké.
Sonia, probeer eens acupunctuur – kleine naaldjes helpen je energie te laten stromen. Of reiki, waarbij een genezer je warme-energie stuurt.
Je kunt ook Tai Chi doen of ademoefeningen.
En vergeet lachtherapie niet – giechelen geeft je een geweldig gevoel!
Welke spreekt je het meest aan?
o Nou ademoefeningen zou ik wel eens willen proberen, dat kan ik gewoon zelf doen.
Als je rustig en diep ademt, dan komt er zuurstof in alle cellen van je lichaam. Dan voel je je beter.
o Hoppakee, weer iets nieuws geleerd!
Hé, Mono, vertel ons eens iets over Tai Chi.
o Kijk eens, ik doe het voor… Hele langzame bewegingen.
Tai-ai-ai, chi-chi-chi, ik kan mijn evenwicht niet houden!
Kaboink, daar lig ik nu met mijn edele derrière op de grond!
Haha, je benen zitten in de knoop. Wacht, ik help je.
o Pfft, dankjewel, Evi.
Kunnen jullie me iets meer vertellen over lachtherapie.
Hoe moet ik dat zien?
Je denkt dan aan iets leuks en dan begin je eerst te glimlachen, dan te ginnegappen, vervolgens te grinniken en hinniken, dan te proesten en te bulderen van het lachen, om dan in een lachstuip terecht te komen!
o Nou, dat wil ik gráág eens uittesten, hahahaha!
Haha, hihi, knor, hihi… We lachen zo hard dat Mono's hoorn begint te huppelen!
o Haha, je knorde als een varkentje!
Hihi, knor knor, hihi… poeh poeh, dát is lekker lachen!
Maar nou weer effe serieus.
o Zere neus! Hahaha!
Wég lach, ik wil je nog wat zeggen. Er zijn nog wel honderd andere geneeswijzen.
o Voorlopig heb je me genoeg verteld. Ik zal me er eens goed in gaan verdiepen, samen met mijn ouders. Dan kan ik een goede keus maken. Ik ben hartstikke blij dat ik niet meer op een dood spoor zit en ik heb héérlijk gelachen!
Fijn, hopelijk heb je er wat aan gehad.
o Absoluut. Ik dank jullie allebei héél hartelijk.
Graag gedaan en ik wens je heel veel beterschap. We vertrekken weer, Sonia. Het ga je goed!
Kom Mono, terug naar mijn bed.
Zeg Mono, ik ben eigenlijk nog nooit ziek geweest. Hoe komt dat denk je?
o Omdat je anders geen kinderen kunt helpen ’s nachts. Jij bent veel te hard nodig.
Hoeveel kinderen zijn er eigenlijk die ’s nachts op reis gaan?
o Precies genoeg. In de wereld is alles precies goed geregeld.
O, dan hoef ik me dus geen zorgen te maken dat er kinderen zijn die geen hulp krijgen?
o Nee, maak je geen zorgen, alles is goed.
Lach zacht… uh, slaap zacht bedoel ik.
1. Heb je ooit zo hard gelachen, dat je dacht: “Ik geef een lach-therapie-feest?” ☺
2. Heb je ooit iets anders dan pilletjes geprobeerd voor je kwaaltje?
3. Hoe zouden mensen vroeger, toen er nog geen pillen waren, zichzelf hebben genezen?
4. Denk je dat kruiden minder schadelijk zijn dan pillen of is er geen verschil?
5. Voel je je beter als je lacht, danst, tekent, zwemt en mooie gedachten in jezelf maakt?