Mieren
Evi tilt buiten in de tuin een bloempot op.
Oooo mieren, wat zijn jullie met z’n vélen, fieperdeflap!
Hebben jullie een mierenfeestje met te veel taart?
o Wij zijn met 846 in deze familie.
Hoei, dat is wel héél veel. Wat doen jullie onder deze bloempot?
o Dit is onze schuilplaats. Hieronder is ons nest, daar woont onze koningin. Ze heeft een troon van kruimels en een kroon van suikerklontjes! Wij moeten ervoor zorgen dat onze koningin heel veel eten krijgt.
O… Waarom moet jullie koningin zoveel eten?
o Dan wordt ze heel groot en sterk en dan kan ze heel veel eitjes leggen. Dan komen er nog veel meer miertjes en al die miertjes kunnen helpen met het grote plan.
Hoe bedoel je, miertje? Wat is dat grote plan?
o Alle mieren zorgen ervoor dat de aardbodem los wordt gemaakt. Dat is erg belangrijk. Anders wordt de bovenlaag veel te droog en hard door de zon. De regen kan er dan niet goed doorheen sijpelen. Dus alle zaden die in de grond zitten kunnen dan niet gaan groeien.
Gossie, wat fijn dat jullie dat doen!
o We werken de hele dag en bijna het hele jaar door. Alleen in de winter hebben we even rust. Dan is alles bevroren. We zitten dan heel diep onder de grond en wachten dan tot het weer wat warmer wordt, zo gaat dat.
Ik heb nooit geweten dat jullie zo'n belangrijk werk doen. Veel mensen vinden jullie alleen maar lastig omdat jullie door hun tuin of door hun huis lopen!
o Dat komt omdat ze vaak kruimels laten vallen of suiker morsen in een kastje. Ja, en dat ruimen wij dan keurig netjes op. Dat brengen we naar onze koningin, snap je? Maar als de mensen ons zien, trappen ze ons dood, da's toch niet éérlijk. Wij dóen hen toch niks!
Ja, dat is wel zo. Maar wat moeten ze dan doen om jullie weg te sturen?
o Zeg maar tegen de mensen dat ze voor de drempel van hun buitendeur wat zout strooien. Daar stappen wij niet doorheen.
Of een paar afrikaantjes voor de deur zetten. Je weet wel, die kleine goudgele bloemetjes. Wij vinden de geur van een afrikaantje heel vies. Wij weten dan in elk geval dat we in dat huis niet welkom zijn.
Oké miertje, ik zal het aan zoveel mogelijk mensen vertellen. Als ik het in de klas vertel aan alle dertig kinderen, dan vraag ik of zij het allemaal doorgeven aan hun papa's en mama's. En die vertellen het dan weer aan een heleboel andere mensen. Goed?
o Mooi zo, Evi. Ik ben blij dat ik even met je kon praten.
Nou, ik ben óók blij, lieve mier. En ik hoop dat je nog heel lang en heel hard aan het grote plan kunt blijven werken. Daag, het ga je goed hè!
o Doeg Evi, het ga jou ook goed!
Wat als een mier de koningin een kruimel geeft en zij zegt: "Ik ben op dieet!?” ☺
Heb je wel eens per ongeluk een miertje doodgetrapt?
Is het erger dat een miertje doodgaat of dat een groter dier doodgaat?
Waarom houden de meeste mensen meer van een hond dan van een mier?
Heeft een mier een hartje en bloed, zoals andere dieren en zoals wij zelf?