Zwitserland
Hoi Anna, wat is er aan de hand? Waarom huil je zo?
o Weet niet.
Heb je heimwee naar Zwitserland?
o Jaha. Ik mis de prachtige bergen met de sneeuwtoppen.
De bergen leken wel een magische stofzuiger voor mijn verdriet!
Zal ik de stofzuiger van mijn moeder even halen? Die zuigt dan in plaats van mijn sokken, jouw verdriet op.
o Haha, goed idee!
Wat voelde je als je verdriet was opgezogen?
o Troost en opluchting.
Mooi zeg. Heb je dat gevoel hier nooit meer gehad?
o Nee, nooit meer.
Weet je dat je zelf bepaalde gevoelens weer kunt voelen, door er alleen maar aan te denken?
o Hoezo?
Doe je ogen maar eens dicht. Stel je voor dat je weer op je oude vertrouwde bergpad loopt.
o Zal het proberen…… Oké, het lukt.
Merk je weer dezelfde troost en opluchting als toen?
o Wauw, ik voel diezelfde tinteling, alsof er vanbinnen meer ruimte is. Hoe kán dat Evi?
Ik denk dat herinneringen worden bewaard in je hersenen. Bijvoorbeeld een bloemengeur kan je doen denken aan de tuin van je oma.
Tegelijkertijd weet je dan hoe het was om daar te logeren.
o Vaak herinnerde ik me nare dingen, zoals die jongen die me uitschold voor luizenbol. Iedere keer als ik nu een klein beestje op mijn jas zie kruipen, denk ik aan die nare jongen.
Ik snap wat je bedoelt. Ik denk dat je hersenen je gevoelens bewaren in een soort van achterkamertje.
o Net als in een computer?
Precies.
o Aha. Maar wat kun je eraan doen, om dat nare gevoel kwijt te raken?
Ik weet ook niet overal antwoord op hoor, maar als je iets naars voelt, kun je dat gaan onderzoeken.
o Net als een detective?
Ja, eerst dacht ik bijvoorbeeld heel vaak: “Ik durf het niet”, en mijn lichaam luisterde naar die ‘opdracht’ en daardoor kon ik het écht niet.
o Dus mijn lijf doet wat mijn hersenen denken?
Ja, en toen ontdekte ik dat ik mijn hersenen ook andere opdrachten kon geven.
o Dus je typte iets anders in de computer?
Ja, ik zei toen tegen mezelf: “Ik ben moedig en durf alles”, of “Ik kan heel goed rekenen.”
o Dus het tegengestelde van wat je stiekem vanbinnen voelt?
Klopt, ik zeg zinnen die me blij maken. Verzin nu eens zo’n nieuwe zin.
o Uh, “We gaan dit jaar op vakantie naar Zwitserland en jij mag met ons mee!”
Já, dit is een geweldige zin! Ik heb nu al zin om met je mee te gaan.
o Ik hoop dat we dan naar een oude berghut gaan en bergen gaan beklimmen!
Als je goed voelt hoe het zal zijn, gebeurt het vast echt!
o Denk je?
Ja, gedachten zijn krachten en je gevoel is het vriendje van je gedachten. Samen maken ze iets wat je graag wilt.
o Dat zal ik héél goed onthouden, Evi.
Is je verdrietige bui nu weg?
o Was ik verdrietig dan?
Kun jij me nu leren jodelen, zoals de Zwitsers doen?
o Zet je handen maar met je wijsvingers naast je neus en je duimen onder je kin. Doe alsof je in de bergen bent en zing dan zo hard je kunt: “Jo-de-la-hi-ti”!
1. Zou je een berg willen adopteren om je verdriet op te laten zuigen? ☺
2. Naar welke speciale plek ga je heen als je verdrietig bent?
3. Als je alleen maar aan die plek denkt, voel het dan net zo fijn als in het echt?
4. Herinner jij een gebeurtenis waar je nu nog steeds last van hebt?
5. Kun je een zin bedenken die je volijker maakt?