Wat Seti denkt gebeurt echt
Hai vriendje, daar ben je weer.
o Mijn voelhoorn lijkt me heel hard naar Seti in Egypte te trekken.
Hij kan met zijn gedachten dingen laten gebeuren.
Nou, dan trek mij maar mee! Hoei, daar gaan we!
Seti… Seti….
o Jeminee, wat is die bouwlamp op mijn buik?
Dat licht komt uit Mono’s toverhoorn, hij lijmt losse gedachten aan elkaar, zodat je sommige dingen beter snapt. Mono voelde dat je dingen bedenkt die later ook echt gebeuren.
o Huhuhuuu, snif, dat klopt.
Ach lieve Seti, wat maakt je zo ineens aan het huilen?
o Ik wil helemaal niet meer dat ik dingen kan laten gebeuren.
Is er dan wat ergs gebeurd?
o Huhuhuuu, snif, jahaa!
Kalm maar. Adem eens rustig in en uit. Goed zo. Kun je het nu vertellen?
o Oké. Vorige week voelde ik opeens heel sterk dat mijn beste vriend een ongeluk zou krijgen. Ik zag aan de binnenkant van mijn ogen dat een vrachtwagen tegen hem aan zou rijden.
Oei, wat akelig.
o En gisteren is het écht gebeurd. De chauffeur had hem niet gezien en hij botste tegen Ramses en nu ligt hij in coma.
Ik denk dat mijn gedachten het ongeluk hebben laten gebeuren.
Ik kan me voorstellen dat je dat denkt, Seti, want het is erg moeilijk om verschil te weten tussen wat je voelt aankomen en een idee dat uit je hoofd komt.
o Ik zie geen verschil.
Meestal gebeuren dingen omdat ze moeten gebeuren. Het is dan nodig om er iets van te leren, zowel de chauffeur als je vriend. Dat is bij iedereen wat anders
o Ah ja, dat kan ik wel volgen. Dus misschien heb ik zijn ongeluk dan tóch niet gemaakt met mijn gedachten?
Denk het niet, want je houdt toch van je beste vriend?
o Ja, natuurlijk! Ik zou hem nooit iets willen aandoen.
Dat bedoel ik. Dus was het een voorspellende gedachte.
o Aha, maar hoe kan het eigenlijk, dat ik zoveel voel aankomen?
In iedereen woont een stukje van het Grote Licht. Dat Licht helpt ons om dingen te laten gebeuren met onze gedachten.
o Dus iedereen kan dingen laten gebeuren? Zelfs als je denkt: “Ik wil een piramide van snoepjes in mijn kamer?”
Haha, die is leuk! Ja, iedereen kan het! In gedachten maak je een beeld van wat je wilt en je maakt er dan woorden bij. Je gaat ervanuit dat je het al hébt, of al bént.
o Geef eens een voorbeeld.
“Ik heb veel vrienden.”
o En als ik die dan niét heb, maar wel wil?
Dan moet je juist denken én helemaal voelen dat je al vrienden hebt, want dat helpt om het echt zo te maken!
o Staan ze dan de volgende dag bij mij voor de deur?
Zo snel gaat het meestal niet, maar door jouw ‘maakgedachten’ past jouw innerlijk zich vanzelf aan; je wordt vriendelijk en je staat meer open voor vriendschappen. Het is eigenlijk een soort toverdenken.
o Toveren met je gedachten? Leg eens uit.
Stel dat je schoenen kapot zijn. Je maakt dan het beeld van een paar schoenen in je hoofd en je zegt daarbij: “Dankjewel dat ik schoenen in maat 37 heb gekregen.” En dan voel je hoe het is om ze aan te hebben.
o Maar die heb ik dan toch nog niet?
Nee, maar dat komt wel, omdat jij het hebt bedacht.
o Hoe werkt dat dan?
Gedachten zijn als radiotrillingen in de lucht, die opgevangen worden door andere mensen. Het kan zijn dat jouw schoenengedachte door een familielid, vriend of vreemde wordt opgevangen. Vertrouw erop en laat de gedachte dan los. En zogenaamd heel toevallig brengt iemand dan voor jou een paar schoenen mee die hem te klein zijn geworden.
o Ik wist niet dat ik kan toverdenken voor iets dat ik nodig heb.
Ja, mensen kunnen veel meer toverdenken dan ze beseffen.
Heb je nu voldoende antwoorden op je innerlijke vragen, Seti?
o Ja, gelukkig is het niet mijn schuld dat Ramses in het ziekenhuis ligt.
Mono zegt me dat Ramses waarschijnlijk nog een weekje in coma ligt en dan wakker zal worden.
o Joepie! O, wat ben ik daar blij mee. Ik kan niet wachten!
Eventjes geduld nog, maar het komt goed. Jij kunt Ramses ook helpen, door een beeld in je hoofd te maken van een wakkere Ramses die weer helemaal beter is en voelen hoe het is als jullie elkaar een opgeluchte knuffel geven.
o Ga ik zéker doen.
* Kom Evi, laten we gaan.
Dag, lieve Seti. Geef je Ramses een knuffel van ons als hij wakker is?
o Jaja, dankjewel, dáág!
Heb je ooit gedroomd over een mummie die je een high-five gaf? ☺
Fantaseer eens iets leuks over je lot.
Heb je wel eens iets leuks of iets naars gevoeld (voorspeld), dat later uitkwam?
Geloof je in het lot, dus dat er dingen gebeuren die nodig zijn om van te leren?
Wanneer spreek je van ‘lot’ en wanneer over ‘oorzaak en gevolg’?